Bij een jubileum hoort het om even stil te staan bij de stand der dingen: wat hebben we gerealiseerd, wat is goed, wat is slecht. Vandaar een aantal ‘persoonlijke’ op ervaring gebaseerde bedenkingen en kreten om de discussie te stofferen.
Iedereen heeft de mond vol van semantiek en modellen, maar in realiteit zie ik daar niet zoveel (goeds) gebeuren. Enkele symptomen. Bestaande standaard vocabularies/ontologieën worden in hun totaliteit zelden of nooit gebruikt. Vocabularies staan maandenlang gepubliceerd terwijl ze niet parseren. Bestaande vocabularia bevatten fouten die traag worden ontdekt. En er is de mismatch tussen de traditionele manier van modelleren (UML,...), waarbij properties en relaties bij de klasse horen en de wereld van description logics, waaruit OWL/RDFS voortkomen. Conclusie: Linked Data te moeilijk voor modelleerders?
Een van de kenmerken van Linked Data is dat als je de identifier van een ding op het web http-gewijs opvraagt, je een document terugkrijgt dat het ding beschrijft. Met andere woorden dat je subjectpagina’s aanbiedt, zeker als het gaat om referentielijsten die in allerlei applicaties en domeinen herbruikt kunnen worden. We wachten al jaren op deze lijsten met dereference-able URI’s….en we blijven maar wachten… Conclusie: Linked Data te moeilijk voor data publishers?
Als er dan al subjectpagina’s staan, geven die zelden een ‘wow’ gevoel. Ze hebben de vorm van een ‘fiche’, die dan vol staat met URI’s. Zie: http://vocab.getty.edu/aat/300198841. Conclusie: Heeft Linked Data geen toegevoegde waarde voor de ‘gewone’ webgebruiker?
We hebben in onze wereld een zeer krachtige query taal (SPARQL), maar voor de gemiddelde developer, die een REST API verwacht, blijkt het gebruik ervan toch iets erg exotisch. Conclusie: er is een mismatch met de verwachtingen van de developer.
Data is het nieuwe goud en de wereld van analytics en machine-learning gaan hard. Van de vele tools om OSEMN (Mason & Wiggins, 2010) met data om te gaan hebben wij er slechts twee gevonden die iets kunnen doen met Linked Data. Conclusie: We moeten beter doen. Op naar de volgende vijf jaar!
Paul Hermans
Oprichter van ProXML (www.proxml.be)
P.S. De vele positieve ervaringen met het gebruik van semantische webtechnologie voor het oplossen van data integratie behoeften pasten niet meer in de mij toegemeten ruimte :-)
De Web Ontology Language (OWL) is de standaard van W3C voor het definiëren van ontologieën voor het wereldwijd web. Deze ontologieën worden door de formele semantiek gekenmerkt, gebaseerd op de standaard RDF voor objecten van W3C.
RDFS Schema (RDFS).
Weergave van een feit, begrip of aanwijzing, geschikt voor overdracht, interpretatie of verwerking door een persoon of apparaat
Weergave van een feit, begrip of aanwijzing, geschikt voor overdracht, interpretatie of verwerking door een persoon of apparaat
Simple Protocol And RDF Query Language (SPARQL) is een RDF zoektaal (Query Language) - die gebruikt wordt om RDF-gebaseerde data te bevragen middels zoekopdrachten (Query).
Een application programming interface (API) is een verzameling definities op basis waarvan een computerprogramma kan communiceren met een ander programma of onderdeel (meestal in de vorm van bibliotheken). Vaak vormen API's de scheiding tussen verschillende lagen van abstractie, zodat applicaties op een hoog niveau van abstractie kunnen werken en het minder abstracte werk uitbesteden aan andere programma's. Hierdoor hoeft bijvoorbeeld een tekenprogramma niet te weten hoe het de printer moet aansturen, maar roept het daarvoor een gespecialiseerd stuk software aan in een bibliotheek, via een afdruk-API.
De activiteiten van Platform Linked Data Nederland (PLDN) worden mede mogelijk gemaakt dankzij het Kadaster, TNO, Big Data Value Center (BDVC), ECP, Forum Standaardisatie, Kennisnet, SLO, Waternet, Taxonic, MarkLogic, Triply, Franz Inc., SemmTech, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), Beeld en Geluid, EuroSDR, de KVK en ArchiXL
Wilt u op de hoogte gehouden worden van nieuws en ontwikkelingen binnen PLDN?
Schrijf u dan in voor de nieuwsbrief